Oud DNA van 348 individuen doet vermoeden dat het merendeel van de Europese inwoners pas veel later dan we dachten een lichte huid ontwikkelde.

Uit DNA van mensen die tussen 1700 en 45.000 jaar geleden in Europa leefden, blijkt dat waarschijnlijk 63 procent een donkere huid had. Zo’n 8 procent had een lichte huid en de rest zat er tussenin. Het lijkt erop dat de meerderheid van de Europeanen pas zo’n 3000 jaar geleden een lichtere huid kreeg.

Cheddar Man

Tot een paar jaar geleden namen we aan dat moderne mensen, die 45.000 jaar geleden naar Europa migreerden, al snel een lichtere huidskleur ontwikkelden. Cellen in de huid kunnen een voorloper van vitamine D aanmaken wanneer ze worden blootgesteld aan uv-licht. Bij een donkere huid bereikt minder uv-straling deze cellen. Met een lichtere huidskleur zouden vroege moderne Europeanen in de lokale winters alsnog genoeg vitamine D kunnen aanmaken.

'De effecten van de anticonceptiepil verschillen per pil, per persoon en per dag'
LEES OOK

'De effecten van de anticonceptiepil verschillen per pil, per persoon en per dag'

Neurowetenschapper Anne Marieke Doornweerd onderzocht de effecten van de anticonceptiepil op het lijf en de gezondheid.

Maar dat beeld is veranderd. We kunnen tegenwoordig de DNA-volgorde bepalen van individuen die duizenden jaren geleden leefden. Bovendien maken onderzoekers inmiddels gebruik van forensische technieken, ontwikkeld om verdachten te identificeren aan de hand van DNA-monsters van een plaats delict. Zo kwamen onderzoekers er in 2018 achter dat Cheddar Man, een individu dat 10.000 jaar geleden in Groot-Brittannië leefde, waarschijnlijk een zeer donkere huid en blauwgroene ogen had.

Er is wel kritiek op zulke stellige beweringen, omdat we de genetica achter pigmentatie nog niet helemaal begrijpen. We kunnen daarom niets met zekerheid concluderen over de huidskleur van vroegere mensen.

Het team van geneticus Guido Barbujani van de Universiteit van Ferrara in Italië heeft inmiddels voorspellingen gedaan over de huids-, oog- en haarkleur van bijna alle vroege Europeanen van wie de DNA-volgorde bekend is. Dat zijn in totaal 348 individuen. Hiermee hebben we het meest volledig plaatje tot nu toe te pakken van hoe zulke eigenschappen door de tijd heen veranderden.

We kunnen daarmee ook kijken welke factoren een rol speelden bij zulke veranderingen, zoals natuurlijke en seksuele selectie, oorlog en migratie. Het was overigens niet mogelijk om bij alle 348 mensen huid-, oog,- én haarkleur in te schatten, vanwege ontbrekende DNA-informatie bij sommige individuen.

Barbujani’s team plaatste de resultaten van hun onderzoek op BioRxiv, een online platform waar wetenschappelijk onderzoek verschijnt nog voordat het door onafhankelijke experts getoetst is.

Wildvlees

Bij een dataset van deze omvang zouden foute voorspellingen bij enkele individuen verwaarloosbaar moeten zijn als je de huidskleur op groepsniveau bepaalt. De conclusie van het onderzoeksteam dat de meeste vroege Europeanen een donkere huid hadden, is daarom gegronder dan de individuele inschattingen.

Toch moeten we nog steeds voorzichtig omspringen met de resultaten. We kunnen bijvoorbeeld niet controleren of die schattingen – die gebaseerd zijn op hedendaagse Europese groepen – inderdaad overeenkomen met het uiterlijk van vroegere Europeanen.

‘Dit artikel is heel belangrijk, vanwege de omvang van de dataset en de zorg en aandacht die aan de analyse van het oude DNA gegeven is,’ zegt antropoloog Nina Jablonski van Pennsylvania-staatsuniversiteit in de Verenigde Staten.

Jablonski zegt dat die relatief late ontwikkeling van een lichte huid te maken kan hebben met dat mensen pas later in grotere nederzettingen gingen leven. Dat ging gepaard met veranderingen in het dieet van de Europeanen. ‘De meeste jager-verzamelaars uit het paleolithicum en de bronstijd kregen waarschijnlijk voldoende vitamine D binnen via hun voedsel, onder andere uit het vlees van wilde dieren,’ zegt ze. ‘Deze situatie veranderde pas echt toen mensen in grotere nederzettingen gingen wonen.’

Neanderthalernazaten

Het zou kunnen dat sommige Neanderthalergroepen – die in Europa leefden lang voor de moderne mens arriveerde – een lichte huid hadden, maar waarschijnlijk bestond er veel variatie, zegt Jablonski. ‘Hun huidskleuren varieerden waarschijnlijk bijna net zoveel per locatie en periode als die van moderne mensen.’

Neanderthalers en moderne mensen plantten zich wel samen voort, maar dat kan ook buiten Europa gebeurd zijn. Eerdere onderzoeken concludeerden dat een lichte huidskleur geen eigenschap is die wij van de Neanderthalers hebben geërfd.