Ruimtelijke weergave voor medici

JÜLICH (D) – Duitse onderzoekers hebben een systeem ontwikkeld waarmee medische gegevens in drie dimensies op een beeldscherm verschijnen. Het beeldscherm ziet waar de gebruiker zit en past zich zo aan, dat bijvoorbeeld de driedimensionale weergave van een hoofd optimaal zichtbaar is.


Moderne medische meettechnieken zoals computertomografie (CT) en kernspinresonantie (NMR ofwel MRI) leveren driedimensionale informatie over een patiënt. Deze technieken meten achtereenvolgens in schijven, zodat de meetgegevens overeenkomen met kleine blokjes, ofwel voxels. Met nieuw ontwikkelde technieken hopen Duitse onderzoekers dat artsen uiteindelijk driedimensionale livebeelden kunnen bekijken.
Het beeldscherm, ontwikkeld aan de technische universiteit van Dresden, ziet er normaal uit, al is het iets dikker. Een tussenlaag achter het beeldscherm bevat een prismalaag die het ruimtelijke beeld mogelijk maakt. Twee kleine, ronde openingen op ooghoogte werken als cameraobjectieven. Zij meten waar de ogen van de gebruiker zijn en passen daarop de actieve prismalaag zo aan, dat het linkeroog van de gebruiker de linkerzijde van een object ziet en het rechteroog de rechterzijde.

Denkbeeldige reis
Het systeem bestaat naast de Dresdense monitor uit een SGI-werkstation, een PCI-grafische kaart en een programma voor het weergeven van het volumineuze beeld. Ooit moeten artsen profiteren van de nieuwe techniek. De natuurkundigen hebben uitgebreid geëxperimenteerd met gegevens die ze kregen van hun collega’s van het Jülichse instituut voor geneeskunde. Tot nog toe bekijken artsen de met computertomografie of kernspinresonantie verkregen gegevens in twee dimensies. Als ze de gegevens kunnen zien in drie dimensies, en dan bovendien in real-time, dan kunnen ze een denkbeeldige reis door bijvoorbeeld de hersenen of de ingewanden maken en – zonder scalpel – eenvoudiger afwijkingen opsporen.

Het berekenen van volumegegevens kost veel rekenkracht. Een extra complicatie is de wens om gegevens van twee meettechnieken te combineren in één beeld, bijvoorbeeld computertomografie, dat anatomische informatie levert, en positronemissietomografie, dat informatie over de stofwisseling verschaft. Een belangrijk deel van het onderzoekswerk vormt daarom de ontwikkeling van efficiënte programmatuur. Het volume waarover die de berekeningen moet uitvoeren, bestaat in de huidige opzet uit 256 bij 256 bij 256 punten, ofwel 17.000.000 voxels.

Drs Erick Vermeulen

Plaats een reactie