Herkomst mysterieuze radioflits bepaald

De precieze locatie van de bron van een aantal verrassend snelle radioflitsen is vastgesteld. Astronomen nemen dergelijke mysterieuze flitsen al sinds 2007 waar, maar tot nu was hun herkomst onbekend.

Om de precieze locatie ervan op te sporen werkte de Arecibo-radiotelescoop samen met een verzameling radiotelescopen over de hele wereld. Beeld: Danielle Futselaar
Om de precieze locatie ervan op te sporen werkte de Arecibo-radiotelescoop samen met een verzameling radiotelescopen over de hele wereld. Beeld: Danielle Futselaar

Onderzoekers concludeerden in 2014 al dat de mysterieuze radioflitsen die ze waarnemen (FRB’s, fast radio bursts) van ver buiten de Melkweg komen. Sindsdien zijn FRB’s de meest ver weg gelegen en daarmee helderste radiobronnen die wij kennen. De uitbarstingen, die met lange tussenpozen worden uitgezonden, zijn steeds maar een fractie van een seconde zichtbaar. Welke kosmische objecten ze veroorzaken is nog volstrekt onbekend.

Onverwachte oorsprong

De flitsen bleken nog vreemder toen de 305 meter grote Arecibo-radiotelescoop in Puerto Rico begin 2016 de uitbarsting FRB 121102 ontdekte. Die specifieke flitser bleek repeterend gedrag te vertonen. In vier jaar tijd zagen astronomen hem tien keer uitbarsten. Om de locatie ervan op te sporen werkte de Arecibo-radiotelescoop samen met een verzameling radiotelescopen over de hele wereld.

‘We kunnen met deze verzameling telescopen gebeurtenissen aan de hemel zien die een duizendste van een seconde duren met een nauwkeurigheid van ongeveer tien milliboogseconden. Dat is te vergelijken met de schijnbare grootte van een tennisbal in New York, gezien vanuit Dwingeloo’, zegt astronoom Zsolt Paragi van onderzoeksinstituut JIVE in een persbericht.

Zwarte gaten of tollende neutronensterren

Artistieke impressie van de Arecibo-telescoop (diameter 305 meter) in Puerto Rico met zijn hangende platform waaraan de radio-ontvanger is bevestigd. Beeld: Danielle Futselaar
Artistieke impressie van de Arecibo-telescoop (diameter 305 meter) in Puerto Rico met zijn hangende platform waaraan de radio-ontvanger is bevestigd. Beeld: Danielle Futselaar

De onderzoeksgroep met astronomen van onder andere de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Leiden heeft aangetoond dat FRB 121102 uit een klein en zwak stralend dwergsterrenstelseltje afkomstig is. Dit sluit meteen een aantal hypotheses over het ontstaan van de mysterieuze flitsen uit. Zo dachten astronomen eerst dat de radioflitsen geproduceerd werden door superzware zwarte gaten. Maar deze bevinden zich meestal in veel grotere sterrenstelsels, zodat daarvan bij FRB 121102 in elk geval geen sprake kan zijn. Het blijft wel mogelijk dat verschillende FRB’s verschillende onstaansmechanismen kennen

Volgens een tweede hypothese wordt de radiostraling geproduceerd wanneer een kleiner zwart gat gas uit zijn omgeving opzuigt. Anderen denken juist dat de FRB’s ontstaan wanneer de restanten van een supernovaexplosie een extra stoot energie ontvangen van een snel ronddraaiende neutronenster. Die komen vaak voor in zwakke dwergsterrenstelsels. Om uitsluitsel te krijgen over de oorsprong van FRB 121102 zal niet alleen naar radiostraling worden gekeken. Nu de astronomen weten waar de straler zich bevindt, kunnen ze het voorwerp ook in andere golflengten, waaronder zichtbaar licht, bestuderen.

‘Maar ook zonder een verklaring is de ontdekking een echte game-changer’,  schrijft Heino Falcke van de Radboud Universiteit in Nijmegen in Nature News & Views. ‘De jacht op FRB’s is begonnen.’

Altijd op de hoogte blijven van het laatste wetenschapsnieuws? Meld je nu aan voor de New Scientist nieuwsbrief.

Lees verder:

Over de auteur

Dorine Schenk

Dorine Schenk is stagiair bij de redactie van New Scientist. Ze studeerde (astro-)deeltjesfysica aan de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast schreef ze voor WRM Magazine en enkele andere media om zoveel mogelijk alle ontwikkelingen in de natuur- en sterrenkunde te mogen volgen. Volg haar op Twitter via @dorineschenk.



2 Reacties

  • Frans Goedhart

    | Beantwoorden

    Een cirkel met een straal van 6000 km (Dwingeloo – New York) heeft een omtrek van ongeveer 36 miljoen meter.
    Daar gaat 10 milliboogseconde ongeveer 360 * 3600 * 100 = 130 miljoen keer in.
    36 miljoen meter / 130 miljoen is ongeveer 0,28 meter.
    28 centimeter is een behoorlijke diameter voor een tennisbal.
    Ik zou persoonlijk eerder een een basketbal denken.

  • Peter

    | Beantwoorden

    Ik dacht eerder aan een korfbal …

Plaats een reactie