Eerste meercellige dieren waren ribkwallen

De evolutionaire stamboom van dieren heeft mogelijk een andere basis dan gedacht. Niet sponzen, maar ribkwallen zouden de eerste meercellige dieren ooit zijn. 

Onderzoekers van het Amerikaanse National Institute of Health hebben het genoom van de ribkwal in kaart gebracht. Na vergelijking van het DNA van ribkwallen met die van andere primitieve dieren, zoals sponzen en kwallen (neteldieren), komen de onderzoekers tot een verrassende conclusie. Ribkwallen zouden de eerste meercellige dieren ooit zijn. De onderzoekers, geleid door bioloog Joseph Ryan, publiceerden hun resultaten afgelopen week in de online versie van het vakblad Science.

Ryan en zijn collega’s besloten het genoom van ribkwallen in kaart te brengen nadat analyse van een beperkt aantal genen al eerder de suggestie wekten dat ribkwallen aan de basis van het dierenrijk staan. Bestudering van het hele genoom lijkt die hypothese nu dus te bevestigen.

De conclusie is controversieel omdat tot nu toe algemeen werd aangenomen dat niet ribkwallen, maar sponzen de eerste meercellige dieren waren. Gezien het verschil in complexiteit tussen sponzen en ribkwallen lijkt die bestaande opvatting ook meer voor de hand te liggen. Ribkwallen hebben een zenuwstelsel en andere gespecialiseerde cellen die eveneens voorkomen in hogere dieren. In sponzen is dat alles afwezig. Daar komt nog eens bij dat, hoewel sponzen geen zenuwstelsel hebben, de genen voor zenuwen wel in sponzen aanwezig zijn. Als de onderzoekers gelijk hebben en sponzen inderdaad ontstonden uit ribkwallen, zou dat dus betekenen dat sponzen gaandeweg hun evolutie hun zenuwstelsel weer verloren.

Ryan erkent dat de conclusie indruist tegen twee zoölogische principes. ‘Wie zich verdiept in de evolutionaire stamboom van dieren,’ zegt Ryan, ‘kreeg tot nu toe altijd te horen dat de laatste gemeenschappelijke voorouder van dieren waarschijnlijk een heel simpel organisme was. En dat toen dieren eenmaal een zenuwstelsel en spieren ontwikkeld hadden, ze die niet meer verloren.’

Bioloog Sidney Tamm, van de Biological Laboratory in Massachusetts, denkt niettemin dat het artikel van Ryan wel eens een mijlpaal in de studie naar de evolutionaire stamboom van dieren zou kunnen blijken te zijn. Tamm bestudeert de minuscule, geveerde filamenten waarmee ribkwallen zich voortbewegen. Een kenmerk van ribkwallen is dat zij de langste trilharen (de zogeheten cilia) van het dierenrijk hebben, en dat ze als geen andere diersoort op die organellen vertrouwen. Die trilharen zijn eveneens kenmerkend voor de eencellige voorouders van dieren. ‘Dat strookt met het idee dat ribkwallen de meercellige voorouders van dieren zijn,’ aldus Tamm.

Over de auteur

Menno de Jong

Menno is deze zomer afgestudeerd als bioloog aan de universiteit van Wageningen. Hij deelt met zijn collega-redactieleden van New Scientist een brede interesse voor wetenschap en een passie voor schrijven.



Plaats een reactie