De zeven keer in de geschiedenis dat de griep flink huishield

Een eeuw geleden eiste een wereldwijde griepepidemie het leven van tot wel 5 procent van de bevolking. Maar dat was niet de enige keer dat het virus een nieuwe, dodelijkere vorm aannam.

Deze schattige pluizenballetjes zijn in feite massamoordenaars

Elke jaar breekt er een wintergriep uit. Hoe kan dat? We maken toch antistoffen aan als we griep krijgen? Dat klopt, maar het virus ondergaat kleine mutaties. Hierdoor kan het ontsnappen aan de antilichamen die zijn ontstaan bij de vorige keer dat we ziek waren.

Doordat de nieuwe variant niet volledig anders is, zijn we toch deels immuun en is de infectie vaak best mild. Maar af en toe breekt er een influenza A-virus uit dat oppervlakte-eiwitten heeft die heel anders zijn.

Zo’n ‘pandemische’ griep verspreidt zich ongeacht het seizoen als een lopend vuurtje – en zorgt voor meer en jongere doden dan een normale wintergriep. De overlevenden verwerven wel enige immuniteit voor het volgende seizoen, waardoor de moordenaar het volgende jaar afzwakt tot een gewone seizoensgriep die rondzwerft totdat de volgende pandemische griep de kop op steekt.

1) 1510

Soort: Onbekend
Dodental: Onbekend
De eerste vermelding van iets dat waarschijnlijk een grieppandemie was: de zogeheten gasping oppression, gekenmerkt door hoesten, koorts en moeite met ademhalen, verspreidde zich rap over Europa, vermoedelijk na intrede vanuit Azië via Afrika. Vergelijkbare verschijnselen zijn tijdens de zeventiende en achttiende eeuw beschreven.

2) 1889-1890 Aziatische of Russische griep

Soort: H3N8 of H2N2
Dodental: ~1 miljoen
De eerste grieppandemie die zich door de komst van spoorwegen en stoomboten snel wereldwijd kon verspreiden werd voor het eerst gerapporteerd in St. Petersburg in december 1889. Binnen vier maanden verspreidde de ziekte zich over de hele wereld en bereikte zijn hoogtepunt in de VS, zeventig dagen na zijn hoogtepunt in St. Petersburg. Te oordelen naar de antilichamen die in overlevenden aangetroffen zijn, ging het om het H3N8-virus en is het dus mogelijk verwant aan de H3N2-griep die deze winter het noordelijk halfrond teistert.

3) 1918-1920 Spaanse griep

Soort: H1N1
Dodental: 50-100 miljoen
De dodelijkste grieppandemie ooit – en de eerste waarvan het genoom in kaart is gebracht. Het werd de Spaanse griep genoemd omdat de Spaanse kranten, die niet gehinderd werden door oorlogscensuur, er als eerste over schreven. Het bleek een vogelgriep die zich had aangepast aan zoogdieren. En hoewel niemand weet waar hij voor het eerst opdook, lijkt het erop dat hij zich samen met de late wintergriep van 1917 in de VS heeft verspreid. Het virus paste zich aan, werd dodelijker en ontplofte in de herfst van 1918 en de lente van 1919. Alle griepen van het type A die aan de mens aangepast zijn, stammen sindsdien van deze soort af.

4) 1957-1958 Aziatische griep

Soort: H2N2
Dodental: 1,1 miljoen
Het griepvirus draagt zijn elf genen op acht stukjes RNA. Wanneer een slachtoffer geïnfecteerd is door twee soorten griep, kunnen hybride virussen worden uitgehoest die stukjes van beide bevatten. De Aziatische griep ontstond toen een zoogdier, waarschijnlijk een varken, de Spaanse griep met twee nieuwe genen – H2 en N2 – van de vogelgriep combineerde. Kinderen en jongvolwassenen werden het hardst getroffen: iedereen onder de 39, dus geboren na het begin van de pandemie uit 1918, had al het H1N1 virus gehad als kind. Hierdoor hadden ze al een sterke immuniteit voor de Spaanse griep, maar niet voor de nieuwe soort. Het werd voor het eerst in Singapore in februari 1957 gerapporteerd, waarna het zich verspreidde naar London, Washington en Melbourne, en tegen de zomer de hele wereld had bereikt.

5) 1968-1969 Hongkonggriep

Soort: H3N2
Dodental: ~1 miljoen
Deze griep ontstond vermoedelijk in het destijds weinig mededeelzame China, maar werd voor het eerst bekend in de rest van de wereld dankzij de Engelse krant The Times, na een uitbraak in Hong Kong. De pandemie uit 1957 was verder gegaan als een gewone wintergriep, maar een hybride variant van deze griep en de vogelgriep ontstond met een nieuw oppervlakte-eiwit H3 en het oude N2 uit 1957. Deze H3N2-griep circuleert nog steeds en is actief als seizoensgriep in de huidige wintermaanden.

6) 1977 Russische of rode griep

Soort: H1N1
Dodental: Onbekend
Een nieuwe griepsoort die voornamelijk mensen onder de 25 trof, dook op in Rusland in november 1977. Dit virus bleek het jaar daarvoor door China te zijn geïsoleerd. Het leek een experimenteel vaccin voor levende dieren dat uit het lab was ontsnapt, omdat het vrijwel hetzelfde H1N1 virus was dat in de vroege jaren vijftig circuleerde. Mensen die waren geboren na 1957 hadden geen immuniteit, maar de effecten waren gelukkig mild.

7) 2009 Varkensgriep

Soort: H1N1
Dodental: 300.000-400.000
De pandemische griep uit 1918 bleef bij varkens bestaan en vormde in 1998 samen met andere griepsoorten een hybride variant, waardoor het zich als een bosbrand door de VS verspreidde. Virologen waarschuwden dat dit soort ‘reassortanten’ een pandemisch gevaar met zich meebrachten. Hun angst werd in 2009 in een Amerikaanse varkensstal op Mexicaanse bodem bewaarheid, waar een reassortant uitbrak die dezelfde H- en N-oppervlakte-eiwitten droeg als in 1918. Tegen september had de griep zich over de hele wereld verspreid. De sterftecijfers waren laag, maar hoger voor jongeren: velen geboren voor 1957 hadden namelijk al immuniteit tegen het virus uit 1918 gekregen als kinderen. Jongere mensen moesten nog wachten tot de eerste griepgolf was overgewaaid, voordat er bruikbare vaccins konden worden gemaakt.

Mis niet langer het laatste wetenschapsnieuws en meld je nu gratis aan voor de nieuwsbrief van New Scientist.

Lees verder:

Over de auteur

Deborah MacKenzie

Debora MacKenzie is verslaggever voor New Scientist.



Plaats een reactie