Borneose orang-oetans sterven uit doordat mensen ze afslachten

De populatie van Borneose orang-oetans is in zestien jaar gehalveerd. En dat is niet zoals eerder gedacht een tragisch bijeffect van de bloeiende landbouw: de meeste verdwenen orang-oetans zijn opzettelijk om het leven gebracht.

De orang-oetans stelen ook wel eens fruit.

‘Het ziet er niet best uit’, zegt onderzoeksleider Serge Wich van Liverpool John Moores University in het Verenigd Koninkrijk. ‘Het afmaken van orang-oetans is echt een groot probleem.’

Zijn team bestudeerde de Borneose orang-oetans (Pongo pygmaeus), die zoals de naam al doet vermoeden leven op het eiland Borneo in het zuid-oosten van Azië. Er zijn nog twee soorten orang-oetans, die beide leven op buureiland Sumatra.

Wich en zijn collega’s verzamelden data uit onderzoeken naar de nesten van Borneose orang-oetans, tussen 1999 en 2015 uitgevoerd door 38 natuurbeschermings- en onderzoeksorganisaties. Orang-oetans maken voor elke nacht een vers nest om in te slapen. Het aantal nesten is dus een goede maatstaf om het aantal orang-oetans aan af te meten.

In 1999 vonden onderzoekers per kilometer die ze door het bos liepen gemiddeld 23 nesten. In 2015 waren dat er slechts 10 per kilometer. Op basis van die gegevens schat het team van Wich dat de populatie Borneose orang-oetans is teruggelopen van rond 300.000 tot 150.000.

Afslachten

Het werd algemeen aangenomen dat de Borneose orang-oetans vooral bedreigd werden door de vernietiging van hun habitat, als gevolg van ontbossing en de expansie van palmolieplantages. Dit blijkt onjuist. Het team ontdekte dat habitatverlies veroorzaakt door plantages en houtkap slechts verantwoordelijk is voor 10 procent van de afname.

LEESTIP Reizen tussen de lijnen. Dwars door Indonesië met Alfred Russel Wallace Alexander Reeuwijk, € 24,95 Bestel in onze webshop

In plaats daarvan bleek 70 procent van de dieren verdwenen te zijn in oerbos of in gebieden waar houtkap op een duurzame manier plaatsvindt, waardoor het bos de kans krijgt zich te herstellen. De overgebleven 20 procent verdween in niet-beboste gebieden en afgebrand kreupelhout.

In de meeste gevallen zijn het mensen geweest die de orang-oetans met opzet om het leven gebracht hebben, zegt Wich.

Veelal waren het dorpelingen, hetzij omdat ze zich bedreigd voelden door de dieren hetzij omdat ze ze wilden opeten. Ook boeren doodden de orang-oetans, om schade aan hun oogst te voorkomen. Volgens Wich worden de dieren ook illegaal gedood als ze palmolieplantages binnendringen, aangezien ze de jonge oliepalmen kunnen beschadigen en fruit stelen.

De onderzoekers hebben honderden dorpelingen ondervraagd. De meesten ontkenden dat ze orang-oetans gedood hadden, sommigen gaven het toe. Ook bleken orang-oetanjongen illegaal verkocht te worden als huisdieren.

Red de oranje aap

In het jaar 2050 zullen er nog eens 45.000 Borneose orang-oetans verdwenen zijn, zo becijferden de onderzoekers, tenzij er iets verandert.

Eén mogelijkheid is om de boeren te compenseren voor de schade die de orang-oetans aanrichten, bijvoorbeeld door de prijs van de producten te verhogen.

De dorpeling overtuigen de orang-oetans niet meer te eten of te doden is waarschijnlijk moeilijker. ‘We zouden de dorpelingen voorzichtig moeten benaderen en ze duidelijk maken dat orang-oetans niet aanvallen zolang je ze met rust laat’, zegt Wich.

Het onderzoek is gepubliceerd in Current BiologyDOI: 10.1016/j.cub.2018.01.053

Mis niet langer het laatste wetenschapsnieuws en meld je nu gratis aan voor de nieuwsbrief van New Scientist.

Lees verder:

Over de auteur

Andy Coghlan

Andy Coghlan is verslaggever voor New Scientist in Engeland.



Plaats een reactie