Slechts vier vogelsoorten zijn kosmopolitisch

Er zijn diersoorten die, waar ter wereld je ook gaat, je in iedere stad kunt tegenkomen. Het bekendste voorbeeld daarvan is de rotsduif. Zulke karakteristieke stadsdieren blijken echter zeldzaam te zijn.    

Rock Dove (Columba livia) or Rock Pigeon
De rotsduif, die vermoedelijk ooit alleen nestelde in rotsspleten in het Midden-Oosten, komt nu voor in steden over de gehele wereld. Bron: Anton Croos, Wikimedia.

Wanneer je van de ene wereldstad naar de andere wereldstad reist, zul je steeds andere soorten tegenkomen. Steden blijken namelijk een flora en fauna te hebben die karakteristiek is voor het omringende gebied, en niet zozeer voor steden zelf. Binnen het vogelrijk zijn er bijvoorbeeld slechts vier vogelsoorten die in steden over de gehele wereld voorkomen. Die vier kosmopolitische soorten zijn de rotsduif, de huismus, de spreeuw, en de boerenzwaluw.

Tot die conclusie komen onderzoekers van de universiteit van Californië. In het biologische vakblad Proceedings of the Royal Society B. publiceren ze deze week de resultaten van een grootschalige overzichtsstudie. De onderzoekers verzamelden gegevens over de soortenrijkdom van in totaal 147 steden verspreid over de gehele wereld. Ze concentreerden zich daarbij op planten- en vogelsoorten.

In de onderzochte steden telden de onderzoekers in totaal 2041 vogelsoorten. Slechts vier daarvan kwamen in minimaal 80 procent van alle steden voor.

De stedelijke diversiteit in plantensoorten bleek iets hoger te liggen dan die in vogelsoorten. De onderzoekers registreerden in totaal namelijk 14.240 plantensoorten. Daarvan bleken elf soorten in meer dan 90 procent van de onderzochte steden voor te komen. De meest wijdverbreide stadse plantensoort is straatgras, dat ook tussen de stoeptegels van Nederlandse trottoirs een vertrouwde verschijning is.

Het doel van de onderzoekers was om een beter beeld te krijgen van het effect van verstedelijking op biodiversiteit. Hoewel algemeen bekend is dat de biodiversiteit op aarde lijdt onder verstedelijking, ontbraken vooralsnog concrete cijfers. De onderzoekers concluderen nu dat stedelijk gebied 92 procent minder vogelsoorten en 75 procent minder plantensoorten huisvest dan landelijk gebied van gelijke grootte.

Over de auteur

Menno de Jong

Menno is deze zomer afgestudeerd als bioloog aan de universiteit van Wageningen. Hij deelt met zijn collega-redactieleden van New Scientist een brede interesse voor wetenschap en een passie voor schrijven.



1 Reactie

  • Dirk de Graaf

    | Beantwoorden

    Nou, ik reis over heel de wereld en het valt op dat de kraai en de meeuw ook overal aanwezig zijn, veel meer dan die andere drie kosmopolieten. Dirk de graaf.

Plaats een reactie